Jan-Willem van Vugt | www.VertrouwJezelf.nl
Home   | Behandelmethoden   | Voor wie   | Doelstelling   | Praktijk   | Vragen   | Agenda   | Contact   | Links Jan-Willem van Vugt - VertrouwJezelf
  Behandelmethoden  
 
 Coaching en Counselling
 Regressie
  Dianetics
 Healing
  Cursussen
  Universal White Time
 Workshops
  Vertrouw jezelf
  Vrij zijn
»
Celzouten
  Dr. Wilhelm Heinrich Schüßler
  achtergrond van de celzouten
  reacties op celzouten Dr. Schussler
  combinaties Celzouten Dr. Schüßler
  Diagnose
 »
samenstelling van celzouten
  Nr.1 Calcium fluoratum
  Nr.2 Calcium phosphoricum
  Nr.3 Ferrum phosphoricum
  Nr.4 Kalium chloratum
  Nr.5 Kalium phosphoricum
  Nr.6 Kalium sulfuricum
  Nr.7 Magnesium phosphoricum
  Nr.8 Natrium chloratum
  Nr.9 Natrium phosphoricum
   Nr.10 Natrium sulfuricum, D 6, Na2S04x10H20
  Nr.11 Silicea, D 12, H2Si03
  Nr.12 Calcium sulfuricum
  Nr.15. Kalium jodatum
  Nr.22. Calcium carbonicum
  Nr.26. Selenium
 
     

  Webmaster  
  Login
 
   
     
samenstelling van celzouten

celzouten dr. Schüßler

Justus von Liebig heeft zijn wet toentertijd voor planten ontwikkeld. Deze wet is echter ook van toepassing op mensen en dieren. In de figuur hierboven zijn drie cirkels te zien. Een gezond mens zal in zijn mïneralenreserves tot de bovenste cirkel gevuld zijn. De middelste cirkel geeft aan dat veel van de reserves verbruikt zijn. Mensen die dit als uit­gangspunt hebben, hebben geen reserves om op terug te vallen. Vanaf de tweede ring naar onderen beginnen zich de zogenoemde tekorten zich af te tekenen. Het grootste te­kort is te zien bij de letter „e", vervolgens „f', dan „d" etc.

In dit figuur is een basisprincipe uit de biochemie volgens dr. Schüßler duidelijk te zien en kan het volgende worden gesteld:

 

„Hoe slechter het gaat met een mens, des te minder verschillende celzouten zullen diegene kunnen helpen om de situatie te verbeteren. Hoe gezonder een mens is, des te meer verschillende celzouten kan diegene tegelijkertijd tot zich nemen, maar dan in lagere hoeveelheden."

reserves in het lichaam. Dit kan weken, maanden, maar ook jaren duren als men „uitge­put", „afgepeigerd", „leeggelopen", „opgebrand" is.

Wie doorlopend veel moet presteren zou doorlopend celzouten moeten innemen. Dan hoeft het lichaam niet op de reserves terug te vallen. Wie de lopende behoeftes niet dekt, creëert hypotheken die eens ingelost moeten worden. Dit kan leiden tot ziekten die de mens ertoe dwingen om uit te rusten. Het kan ook ernstige ziekten of chronische gezond­heidsklachten veroorzaken.

Celzouten kunnen ingenomen worden ter voorkoming van alle gezondheidsklachten die door een tekort aan mineraalzouten ontstaan. Zolang geen weefsel of organen onherstel­baar beschadigd zijn, zijn de klachten omkeerbaar. Bij alle ernstige ziekten, zoals bijv. multiple sclerose, kunnen de celzouten uitsluitend ondersteunend ingezet worden ter ver- mindering van de klachten.

 

Grenzen van de biochemie volgens dr. SchüBler

Op dit punt wijzen wij u er nadrukkelijk op dat alle natuurlijke geneeswijzen ook hun grenzen hebben. Zo ook de biochemie van dr. SchüBler. Men moet nooit afzien van een medische diagnose of verzorging. Beter een onderzoek teveel dan een te weinig.

In de biochemie volgens dr. SchüBler kunnen alleen dïe klachten begeleid worden die ontstaan zijn door een tekort aan bepaalde werkzame stoffen in de cel - celzouten. Alle andere storingen zoals storingen die ontstaan zijn door beschadiging van weefsel, kunnen met celzouten ondersteund worden maar niet verholpen worden.

 

De taal van het lichaam

De biochemie volgens dr. SchüBler probeert op grond van signalen behoeftes vast te stel­len en deze te verhelpen. Er wordt gewerkt aan de oorzaak en niet aan het oplossen van symptomen. Het is hierbij belangrijk om de taal van het lichaam te begrijpen, om zo de code te kunnen ontcijferen. Bijvoorbeeld:

Lichte koorts wordt als een teken gezien van een tekort aan ferrum phosphoricum (nr.3) en niet als symptoom van een ziekte.

Een loopneus is een teken voor een tekort aan natrium chloratum (nr.8). Het ophoesten van slijm betekent een tekort aan kalium chloratum (nr.4).

Bij deze geneeswijze worden geen symptomen bestreden of onderdrukt, maar wordt er geprobeerd de behoeftes te ontdekken en deze te verhelpen.

 

Vanuit welk perspectief kijken we naar een ziekte

We kunnen drie verschillende geneeswijzen onderscheiden:

•            De klassieke medische geneeskunst bestrijdt ziekten alsof ze een vijand van de
mens zijn. Hierbij raakt de zieke zelf vaak uit het blikveld. Bij deze geneeswijze
wordt gevraagd: " Welk middel moet ik innemen tegen... ?"

•            De prikkelgeneeswijze stimuleert het zelfgenezend vermogen van het lichaam. Maar om de prikkel te kunnen beantwoorden heeft het lichaam bedrijfsstoffen voor de cellen nodig. Als het lichaam deze niet tot zijn beschikking heeft, zal via deze ge­neeswijze geen verbetering optreden.

Een homeopathische arts heeft het volgende geformuleerd: "De homeopathie wil wat in beweging brengen, maar soms laat zich niets meer bewegen"

•            De substitutiegeneeswijze probeert de oorzaken die aan de kwaal ten grondslag liggen op te ruimen. Met de biochemie volgens dr. SchüBler wordt geprobeerd het tekort in de cellen aan te vullen en hiermee de gezonde (spannings)verhouding te herstellen tussen de mineraalzoutconcentraties binnen en buiten de cel.

De juiste samenstelling van de celzouten

Vaak worden grofstoffelijke mineraalpreparaten gebruikt waarin stoffen zitten die niet zo in het lichaam voorkomen, zoals bijv. Zitraten. Het lichaam wordt zo gedwongen om gecompliceerde chemische ontledingen en verbindingen uit te voeren om de gewenste verbindingen tot stand te kunnen brengen.

Dit is niet het geval bij de celzouten volgens dr. Schüßler. Deze zijn in principe van de­zelfde samenstelling als de minerale stoffen die in het lichaam voorkomen (homogeen). Daarom kan het lichaam ze direct via het mondslijmvlies opnemen en gebruiken.

De bereiding van celzouten volgens dr. Schüßler

De door dr. Schüßler aanbevolen en gebruikelijke potentiëring van de minerale zouten luidt als volgt:

Nr. 1,3 en 11 in D 12,

Nr. 2,4,5,6,7,8,9,10,12 in D 6

De uitbreidingsmiddelen Nr. 13 t/m 27 in D12

Er wordt niet beoogd een homeopathisch middel te vervaardigen. Het gaat er bij de cel­zouten niet om dat de minerale zouten gepotentiëerd (geënergetiseerd -geschud) worden; Er wordt alleen gebruik gemaakt van het verwrijvings (verdunnings) principe van het potentieren om tot een gelijkmatige verdeling van de mineraalstof moleculen te komen. Deze moleculen komen dan in enkelvoudige vorm in het melksuiker voor, zoals ze ook in het lichaam aanwezig zijn.

De Schüßler celzouten zijn zo verdund, dat ze door uiterst kleine openingen in de celwand heen kunnen. Deze verdunning maakt het gelijktijdig bijna onmogelijk om teveel van deze stoffen in te nemen. Er wordt steeds weer door mensen, die te weinig van deze materie afweten, beweerd dat men teveel minerale zouten binnen kan krijgen.

Ter vergelijking: in een literfles mineraalwater bevindt zich in doorsnee ongeveer 1000 mg (=lg) aan opgeloste mineralen. Als iemand zulk een hoeveelheid celzouten volgens dr. Schüßler in D6 wil innemen, dan moet diegene 1 ton (1000 kg) celzouttabletten in de mond laten oplossen.

Dit verduidelijkt welke verdunning er bereikt wordt door het potentiëren. Hierin ligt ook de werking besloten. Want het komt niet op de hoeveelheid celzouten aan, maar op de kwaliteit ervan. De mineraalzoutmoleculen kunnen, omdat ze als afzonderlijke moleculen beschikbaar zijn, direct door het organisme opgenomen en gebruikt worden. Er zijn geen omslachtige chemische afbraak- en opbouwprocessen meer nodig; de dringend benodigde mineraalzoutcombinaties kunnen direct ingezet worden.

Een overdosering is eigenlijk onmogelijk

Op grond van de hoge verdunningen is het nauwelijks mogelijk om teveel celzouten in te nemen. Er kunnen weliswaar lichamelijk reacties optreden, maar hier wordt verderop in de tekst op ingegaan.

De celzouten zijn verwreven (gepotentiëerde-verkleinde) minerale stoffen. Deze worden het lichaam ter beschikking gesteld als er sprake is een behoefte / tekort aan bedrijfsstoffen._Een tablet weegt ong. 0,25g. Zodat 100g. ongeveer met 400 stuks overeen komt (250g. is ong.1000 st. en 1 kg is ca. 4000st.)

1 tablet in D3 = 1000 tabletten in D6 = 1 000 000 tabletten in D12

Het gebruik van lagere potenties is niet aan te bevelen omdat de celzoutmoleculen dan niet meer in de benodigde verkleining in het melksuiker aanwezig zijn.

Een fijnere verdeling van mineralezouten in gesteentemeel voor planten wordt ook toegepast. Hoe fijner dit gemalen is, hoe beter de planten het kunnen opne­men.


Kwaliteitsverschillen tussen de verschillende celzoutproducenten

De celzouten zijn volgens homeopathische wijze bereid en ze zijn zonder recept verkrijg­baar. Iedereen kan de celzouten bestellen. Er zijn verschillende producenten van wie de producten in kwaliteit verschillen. De werkzaamheid van de celzouten hangt af van de kwaliteit van het product. Een aantal producenten van celzouten zijn: Vitareform, VSM, DHU, ISO Werk Regensburg, Bio Labor Bremen, Madaus, Pflüger en Adler Pharma.

 

Een aantal zaken waar u op kunt letten zijn: of de celzouten makkelijk smelten in de mond, of ze geen tarwezetmeel en een lage hoeveelheid middelen bevatten om de tablet-vorm te kunnen maken. De tabletten van Adler Pharma voldoen aan deze criteria en zijn van een hoge kwaliteit. Er wordt bij het productieproces rekening gehouden met het mili­eu. Ook kan men op de eigen smaak vertrouwen en die celzouten uitkiezen, die het mees­te aanspreken.

Inname van de celzouten

De tabletten kunt u het beste afzonderlijk in de mond laten smelten. U kunt ook meerdere tabletten tegelijkertijd innemen, alhoewel dit wel de werking een beetje kan verminderen.

Hoe dringender het lichaam de celzouten nodig heeft, hoe sneller ze in de mond op­lossen of hoe zoeter ze smaken. Beide fenomenen kunnen ook tegelijkertijd optre­den. Om verschillende celzoutnummers met elkaar te kunnen vergelijken moeten deze van dezelfde fabrikant zijn.

De celzouten kunnen ook in water opgelost worden. Dit water moet men sloksgewijs opdrinken. En men moet erop letten dat de vloeistof zolang mogelijk in de mond gehou­den wordt, zodat de zouten door het mondslijmvlies opgenomen kunnen worden. Want in de maag veranderen de zouten door het maagzuur.

De celzouten moeten niet met metaal in aanraking komen. Dit is vooral van betekenis bij het oplossen - niet met een metalen lepel roeren! In principe zullen vullingen in de mond niet de werking van de celzouten nadelig beïnvloeden.

De celzouten kunnen volgens de orgaanklok, het bioritme, de maancyclus of andere richt­lijnen worden ingenomen.

Alles wat de inname van celzouten onnodig complex maakt leidt er vaak toe dat het ge­bruik ervan slechts van korte duur is. En zo ook het resultaat beperken.

 

Lactose

Lactose (melksuiker) is voor ons een heel belangrijk thema. Het is de drager van de Schüßler celzouten.

Lactose is een disaccharide, dat uit twee suikerbouwstenen bestaat, glucose en galactose. Het komt uitsluitend in melk voor en wordt uit wei gewonnen. Lactose wordt als hulp­middel in de voedingsmiddelen en farmaceutische industrie toegepast, bijv. in soepen en sauzen, kruidenmengsels, vleeswaren, suikergoed en bakspullen, chocoladeartikelen, tabletten en capsules. In 100 gram melk is ongeveer 5gr lactose aanwezig.

In het maagdarmkanaal wordt lactose door intestinale (in de darm voorkomende) lactase enzymatisch gespleten. Een deel lactose is in vijf delen water of 2,6 delen kokend water oplosbaar. Een lactoseoplossing van 9,75% heeft dezelfde osmotische eigenschappen als het menselijk bloed.

De inname van lactose kan bij een tekort aan intestinale lactase (een enzym in het maagdarmkanaal) tot aanzienlijke verteringsproblemen leiden; deze problemen worden samengevat onder het begrip lactose-intolerantie.


Buikkrampen, diarree, winderigheid en een opgeblazen buik

Deze symptomen kunnen ook optreden als er teveel lactose wordt ingenomen. Meestal is het dan voldoende om de inname van de tabletten over de dag te verdelen.

Lactose-intolerantie ontstaat bij volwassenen door een teruggang van de activiteit van het enzym lactase; deze is in de kinderjaren voldoende aanwezig. Na het zogen neemt de lactaseproductie jaar voor jaar af.

Er treedt geen gewenning aan melksuiker op.

Lactose is qua smaak een derde zo zoet als sacharose. Tandartsen kunnen gerust zijn; omdat lactose pas in de dunne darm gesplitst wordt en niet in de mond, is er veel minder gevaar voor tandbederf dan bij sacharose.

Bij schimmelinfecties kan de inname van melksuiker geen kwaad; volgens medische in­zichten ondersteunt lactose de werking van het lichaam.

Belangrijk voor diabetici

Lactose kan ook door diabetici gebruikt worden. Het werkt wat sterker in op de bloedsuikerspiegel dan fructose. Bovendien moet men er rekening mee houden dat melksuiker als koolhydraat beschouwd moet worden bij het berekenen van broodeenheden (BE).

1BE = 12 gram koolhydraat = 48 Schüßler celzouttabletten van 0,25 gram. 48 tabletten = 45Kcal, 1 tablet = 1 calorie.

Een inname van 1 tot maximaal 3 broodeenheden over de dag verdeeld geldt in het alge­meen als acceptabel.

De hoeveelheid celzouten

Er bestaat in de regel geen vaste dosering en ook geen vaste manier van innemen. Ieder­een zou gaandeweg de voor hem/haar passende dosering en wijze van innemen moeten uitvinden. Wanneer iemand op basis van een gezichtsanalyse of een andere methode om behoeftes te bepalen een zekere hoeveelheid celzouten tot zich neemt, dan kan er in het begin een sterke behoefte aan celzouten ontstaan. In zo'n geval krijgt men soms de vraag of men verslaafd kan raken aan celzouten. Dit is echter niet het geval. Zo'n eerste sterke behoefte geeft aan hoe groot het tekort was. Na enige tijd gedurende de inname neemt de sterke behoefte aan celzouten af omdat de reserves van het lichaam zich beginnen te her­stellen.

Dosering

•         acute gevallen: iedere 3-5 minuten één tablet in de mond laten smelten.

•         chronische aandoeningen 7-10 tabletten per dag innemen.

•         alle overige gevallen: iedere 2 uur één tablet in de mond laten smelten.

Het is belangrijk om te weten dat de inname van celzouten lichamelijke reacties tot het gevolg kan hebben. Bij twijfel - raadpleeg een celzouttherapeut, die kan u helpen met het uitzoeken van passende celzouten met een afgestemde dosering.

De behoefte bepaalt de hoeveelheden van de celzouten, niet de leeftijd! Daarom wordt er in principe geen onderscheid gemaakt in de dosering tussen kinderen en volwassenen. De Schüßler celzouten kunnen ook aan zuigelingen worden gegeven. De tabletten kunnen dan het beste in een beetje water opgelost worden. Dit kan men direct in de mond geven of aan de fles toevoegen (geen metalen lepel gebruiken). Bij het geven van de tabletten via de fles neemt de werking wel enigszins af.

•         Bijzonder sensitieve mensen en kinderen kunnen het beste met de helft van de aangegeven dosering beginnen en de hoeveelheid verhogen als het gewenste effect uitblijft.

1 • Ouderen en sterk belaste mensen kunnen het beste beginnen met een zeer lage dosering (een derde of een vierde van de aangegeven hoeveelheid) en dit lang­zaam opvoeren tot de aanbevolen hoeveelheid is bereikt.

•         Naar boven toe zijn er nauwelijks grenzen aan de dosering. Als iemand meer wil innemen dan is aangegeven, dan kan men de dosering naar eigen inzicht opvoe­ren.

Wat te doen bij afkeer?

Als de Schüßler celzouten in het begin een keer niet worden ingenomen, ontstaat makkelijk het gevoel dat men iets mist. Ook is het mogelijk, dat ze vergeten worden of dat er zelfs een afkeer ontstaat. Aan dit gevoel moet u zeker toegeven. Afkeer geeft namelijk aan dat er iets niet meer klopt. Dit kan aan verschillende factoren liggen:

•         De dosering is te hoog en de hoeveelheid moet gereduceerd worden met bijv. een derde of de helft of tot de afkeer verdwijnt.

•         De samenstelling klopt niet meer. Een nieuwe (gezichts)analyse is aan te bevelen.

•         Een pauze is nodig als de weerstand zeer groot is.

Het is belangrijk dat wij weer veel meer naar onze lichamen leren luisteren. Alleen wijzelf zijn verantwoordelijk voor ons eigen lichaam.

Info voor een (gezichts) diagnose vindt u hier  

Copyright VertrouwJezelf.nl 2012Contact: info@vertrouwjezelf.nl (16 ms)